Luc Wassenberg: “Het risico van risicobeperking bij de brandweer”

06 mei 2014

Recent is op een Amerikaanse website een artikel gepubliceerd over striktere regels voor de binnenaanval van de brandweer. De OSHA (vergelijkbaar met de arbeidsinspectie hier) zal strenge richtlijnen gaan uitvaardigen waarbij de binnenaanval zo goed als verboden wordt. Er vallen namelijk te veel slachtoffers onder brandweermensen die een brandend pand ingaan. Op de sociale media in Amerika ontspon zich hierover een interessante discussie tussen voor- en tegenstanders die alle kanten uitwaaierde maar vooral draaide rond één centrale vraag: wat is de kern van de brandweer?

Dit lijkt een makkelijke vraag met een makkelijk antwoord, het redden van mens en dier staat tenslotte in Nederland gewoon in de brandweerwet, eh sorry, de wet op de Veiligheidsregio’s? Toch wordt het redden van mensen wat ingewikkelder als je het afzet tegen de risico’s die een brandweerman loopt bij het uitvoeren van een redding. Hij mag hierbij niet zwaargewond raken of sterven, daar is iedereen het wel over eens.

De moeilijkheid zit hem er natuurlijk in dat de brandweerman vaak niet precies weet wat er aan de hand is. Zijn er slachtoffers binnen, hoe zit het pand in elkaar, zijn er bijkomende gevaren zoals gevaarlijke stoffen, is de tweede tankautospuit op tijd, etc.? Dit zijn allemaal vragen waar hij mee zit in die enkele minuten voordat hij bij de brand staat. Ter plaatse worden die vragen vaak maar ten dele, later of zelfs pas achteraf beantwoord. De zeer complexe en dynamische omgeving, de grote belangen, de psychologische spanning en de zeer korte tijd waarin besluiten genomen moeten worden maken brandbestrijding een van de stresserende beroepen die er zijn.

Brandweer Nederland probeert nu inzichtelijk te maken hoe zij met deze situatie kan omgaan, o.a. met het kwadrantenmodel maar ook met andere methodes, beslisbomen, procedures, nieuwe technieken en innovaties. Hierbij worden veel interessante onderzoeken en testen gepresenteerd en besproken in heel Nederland, iets wat pakweg 10 jaar geleden maar beperkt voorkwam. Een positieve ontwikkeling waarbij de brandweermensen steeds meer kennis en kunde opdoen die ze in de praktijk in hun rugzakje meenemen.

Hier zit echter ook een gevaar aan dat sluipenderwijs zijn intrede kan doen en dat de maatschappelijke positie van de brandweer op termijn flink kan ondermijnen. De hierboven aangehaalde complexiteit van de incidenten die de brandweerman elke dag weer tegenkomt blijft namelijk bestaan en zal nooit geheel afgedekt kunnen worden door de aangeboden hulpmiddelen. Kan de brandweerman die spannende eerste tientallen minuten eigenlijk wel weloverwogen alle kennis in zijn hoofd langslopen en leggen naast de feitelijke zintuigelijke waarnemingen en dan de juiste beslissing nemen? Veel onderzoeken wijzen op de moeilijkheid hiervan. Een risicomijdende houding zit er bij de meeste mensen, die onder hoge spanning moeten werken, sowieso al in.

De reflex van veel brandweermensen kan dan ook worden om maar defensief te gaan optreden om zodoende niet achteraf afgerekend te worden, als het mis of niet helemaal goed gaat, op de offensieve inzet. Dit lijkt misschien vergezocht maar in het Verenigd Koninkrijk heeft men al ervaring met deze trend waar de, zeer met veiligheidsprocedures beladen, brandweer steeds minder vaak proactief optrad en de brand zeer gereserveerd te lijf ging. Dit vaak tot grote onthutsing van de getroffenen, de pers en de omstanders die de brandweer vaak zien als laatste barrière tegen de elementen. In een aantal regio’s is daarom nu de doctrine veranderd van ‘defensief-tenzij’ in ‘offensief-tenzij’. Hier hoort uiteraard ondersteuning en bescherming van het management en bestuur als het toch een keer niet loopt zoals het moet. Je kan tenslotte nooit alles overzien.

Het gaat dus in tweede lijn ook om het imago van de brandweer, onze reputatie en onze trots. De tendens lijkt te gaan naar een risicoloze brandweer en mijn stelling is dat die niet bestaat en dat we risico’s moeten confronteren om onze taak te kunnen blijven uitvoeren. Uiteraard moeten we tegelijk ook beter worden, veiliger werken en innoveren. Door beide te doen blijft ons bestaansrecht geborgd, kunnen we onze maatschappelijke taak naar behoren uitvoeren en worden we steeds veiliger en beter.

De website die het artikel over de OHSA publiceerde bleek trouwens een zogenaamde parodiewebsite die artikelen publiceert alsof het het hele jaar 1 april is. Het was dus helemaal niet waar dat de binnenaanval verboden zou gaan worden maar een flauwe grap. Kom nou, wij zijn toch die club die alles in het werk stelt om die burger uit zijn gevaarlijke situatie te bevrijden?

Luc Wassenberg

 

Luc Wassenberg is vrijwillig hoofdofficier van dienst en brandweerduiker. Daarnaast is hij adviseur en een van de oprichters van Vigiles. Daarbij ondersteunt hij zowel overheidsinstanties als private bedrijven in diverse (fysieke) veiligheidsvraagstukken. Onderwerpen zijn onder meer crisisbeheersing, Europese en internationale samenwerking en opleiden-trainen-oefenen.

Het woord is aan…

Veiligheid is van iedereen. We geven daarom graag het woord aan een breed scala van externe deskundigen om onderzoeken, ideeën en inspiratie met u te delen.

Het gaat hierbij niet om standpunten van de Stichting Maatschappij en Veiligheid. De stichting is dan ook niet verantwoordelijk voor de inhoud van de rubriek ‘Het woord is aan …’

Heeft u een interessant artikel dat u graag wilt delen? Neem contact met ons op via smv@maatschappijenveiligheid.nl.

3 reacties op “Luc Wassenberg: “Het risico van risicobeperking bij de brandweer”

  1. Beste Luc,

    Een prima verhaal om eens op te reageren. Ik doe dat vanuit een vergelijking met de taakstelling en doctrines van defensie. Ik ben werkzaam in beide werelden en kan dus een goed vergelijk trekken. Ik doe dat langs twee assen. De eerste as gaat over de taakstelling en de daarvan afgeleide – vaak ongeschreven – mores en beroepshouding in beide sectoren. De tweede as heeft betrekking op de rol van vorming, opleiding en oefening in relatie tot het ontwikkelen van het mentale model waarin beide beroepsgroepen vervolgens werken.
    Maar eerst moet ik voorkomen dat een misverstand kan ontstaan op basis van mijn korte vergelijkingen. In beide beroepsgroepen komt het niet voor dat een functionaris bij voorbaat bereid is om onveilig te werken of zelfs maar de bereidheid zou hebben – ex ante – om in zijn werk het leven te laten. Deze premisse hanteer ik verder in mijn betoog.
    Voor beide groepen geldt dat de taak een dienstbare taak aan de samenleving is. De brandweer wordt door de burger gezien als laatste anker van hoop indien in de directe fysieke omgeving van die burger ‘de pleuris’ uitbreekt. Defensie wordt gezien als laatste middel om de belangen van de gehele samenleving (de integriteit van onze staat) te beschermen. Beide hebben gemeen dat ze in een hoog fysiek geweldsspectrum moeten optreden en dat de burger een groot, zo niet onbegrensd, vertrouwen in hen heeft. Wat vervolgens opmerkelijk is bij de uitwerking naar mores en beroepshouding is het volgende: bij defensie staat de opdracht altijd centraal en weet iedereen dat zoiets betekent dat je zelf bij het halen van die opdracht de eindstreep wel eens niet zou kunnen halen. Bij de brandweer staat de eigen veiligheid centraal en dus niet de opdracht, maar – in enge zin – het eigen belang om de volgende dag te halen.
    Zelf gebruik ik dan wel eens in de discussie het navolgende – volledig theoretische – mentale experiment:
    Stel dat ik met het opofferen van een brandwacht zeker weet dat ik twee mensenlevens met zekerheid weet te redden? Zou ik dat dan doen, zou ik die opdracht geven? En bij hoeveel mensenlevens zou ik dat dan wel doen? En maakt het uit of het een verzorgingshuis is, of een kinderdagverblijf? En stel dat ik in staat ben om niet die brandwacht te ‘offeren’ , maar ik dat zou kunnen doen door mijzelf in te zetten?
    Vanuit de regelgeving anno 2014 simpel te beantwoorden vraagstukken, maar vanuit je eigen geweten?
    Ik wijs er maar op dat je voor dit soort acties bij de brandweer als leidinggevende waarschijnlijk een veroordeling oploopt. Bij Defensie zou je voor dit soort acties een (heel hoge) onderscheiding scoren en alle talkshows halen.
    En hiermee is een bruggetje geslagen naar mijn tweede as van redeneren. Een as die in zichzelf onafhankelijk kan zijn van mijn eerste, maar daarmee sterk verbonden is. Bij de brandweer doen wij hoegenaamd niets tot heel weinig aan vorming van ons personeel. Welk (regionaal) korps heeft een visie op welk type personeel, met welke persoonskenmerken en waarom juist met die kenmerken voor welke functie wil werven en selecteren? Althans we doen dat niet bewust. Bij defensie is dat diametraal anders, daar is een heel duidelijke visie op dit punt. Niet iedereen wordt marinier of commando en een heel goede marinier of commando is weer uiterst ongeschikt voor een (groot) aantal andere functies. En deze visie werkt ook door in het opleiden en trainen. ‘Skills en drills’ zijn bij defensie ook echt ‘skills en drills’. Ze worden er eindeloos ‘ingeramd’ en worden eveneens eindeloos herhaald. Iedere oefening die wordt gehouden komt deze basis terug en wordt erop geëvalueerd. Basis niet in orde? Dan niet een trede hoger! Bij de brandweer is dat echt anders. Er wordt al snel geredeneerd vanuit het gegeven dat we skill of drill al beheersen. De vele open bronnen tonen mij heel iets anders. De meest basale dingen worden niet beheerst, worden fout gedaan en leiden tot gevaar of in ieder geval frictie.
    Dit heeft dan weer tot gevolg dat het optreden in grotere verbanden en/of in complexe situaties bij defensie veel soepeler en beter gaat. Er wordt, vanuit gedegen vakmanschap, leiding gegeven en ondergaan en er is weinig energie en tijd nodig om ervoor te zorgen dat de operatie loopt. Bij de brandweer gaat veel tijd en moeite zitten in het coördineren en begeleiden van de inzet (let op de gewijzigde begrippen) omdat de basis, ook bij leidinggevenden zelf dus, vaak niet op orde is.

    En dit leidt dan weer tot het gegeven dat bij de brandweer veel mentale tijd en energie verloren gaat aan het regelen en organiseren van de basis. Tijd en energie die we juist nodig zouden hebben om ons een goed beeld te vormen van de situational awareness en daarop onze besluiten te baseren. In het vertrouwen dat die dan ook loyaal en zonder ‘ja maar’ uitgevoerd worden en met de zekerheid dat juist hierdoor de arbeidsveiligheid van de brandweerman zal toenemen…………maar ‘pech weg’ bestaat in ons mooie vak niet en dat sprookje moeten we durven doorbreken!

  2. Beste Luc,
    Een veel veiliger en efficiëntere binnen inzet is wel mogelijk!
    Afgelopen week (19-23 mei 2014) hebben wij in diverse brandweerregio’s over precies dit dilemma welke jij hier omschrijft een informatieronde gedaan.
    Ervaren brandweerinstructeurs uit Northamptonshire en Gothenburg hebben hun ook in de praktijk bewezen veilige en efficiënte inzetmethode met behulp van o.a. Cobra toegelicht en gedemonstreerd in Crailo, Tilburg, Aalsmeer, Groningen en Troned. En informatie uit het onderzoeksprogramma van BrandweerAA icm het IFV over de offensieve actie met watermist vanuit een defensieve positie is gedeeld.
    Het is een kwestie van het vullen van de gereedschapskist met up-to-date kennis en tools.
    Wil je meer weten kijk dan even op http://www.coldcutsystems.com daar staan ook div. vrij beschikbare onafhankelijke rapporten en neem ook even contact met mij op; info@nater.nl

  3. Beste Luc,
    Ik denk dat er aan deze discussie nog een discussie vooraf moet gaan, namelijk hoe gaan we om met onze gebouwen en de brandpreventieve voorzieningen die we treffen in nieuwbouw en vooral ook bestaande bouw. Hoe leren we de bewoners / gebruikers van woningen en ander typen gebouwen om te gaan met het risico voor brand en vooral het voorkomen van brand, Waarom verloopt wet en regelgeving inzake deze materie zo traag en maken we niet meer gebruik van de allerlei slimme mogelijkheden om onszelf beter te beveiligen hier tegen. De koppeling repressie met preventie zou nog veel nadrukkelijker moeten worden toegepast. Handhaving en toezicht, niet op bezuinigen maar juist versterken!

    Ik snap dat in Amerika anders gedacht wordt over de slachtofferkans, als je let op de bouwmethodes en het gebruik van materialen. Amerikanen verklaren ons al jaren voor gek als het gaat om de binnenaanval, maar de inzetmethoden die zij gebruiken zijn in een groot aantal opzichten ook veel risicovoller dan in Nederland. Een brandweerman is daar een held en is vanuit dat perspectief wellicht ook bereid nog meer risico’s te nemen met soms trieste gevolgen. Ik denk dat we aan deze kant van de wereldbol eerder geneigd zijn ons af te dekken met veel procedures en protocollen en dat boek wordt steeds dikker! Dat wordt vooral veroorzaakt door allerlei veiligheidswetgeving op dat gebied en om de discussie uit te weg te kunnen gaan. Verzekeringsmaatschappijen moeten daarom ook gesprekspartner worden in deze discussie.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *