Nationale Politie: Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald

07 november 2014

Column prof. dr. A.B. Hoogenboom

De vorming van de nationale politie zoals die nu wordt ingevoerd, kan beter voortijdig worden gestopt. Hoe krijgt de vorming gestalte en wat is daar niet goed aan?

In de eerste plaats: het benoemen van politiemensen op sleutelposities in het veranderingsproces. Politiemensen zijn gedreven, loyaal en betrokken. Dat is functioneel voor politiewerk op straat. Maar disfunctioneel voor complexe veranderingsprocessen op het personele vlak, in de automatisering, de bedrijfsvoering en financiële zaken. Deze politiemensen worden ondersteund door een uitdijende nationale staf die vrijwel uitsluitend uit politiemensen bestaat. Zij worden niet gehinderd door kennis over veranderingsprocessen. En, ze bemoeien zich te veel met operationele zaken die tot de verantwoordelijkheid van de politie-eenheden horen.

In de tweede plaats: de schizofrenie van tegenstrijdige doelstellingen: reorganiseren, bezuinigen én het halen van de opgelegde criminaliteitsdoelstellingen. De top van de politie en het veranderingsproces bevinden zich hierdoor in een rollercoaster van onverwachte loopings en vrije vallen. Er is geen focus. Het resultaat is kluitjesvoetbal. Men hobbelt van incident, politiek opportunisme en mediakoppen naar wezenlijke financierings-, reorganisatie- en operationele 24/7 beslissingen. Er is geen rust. Er wordt niet vier, vijf zetten vooruit gedacht.

In de derde plaats: de toenemende interne terughoudendheid om meningen te ventileren, opbouwende kritiek te uiten en eigen initiatief te nemen. De politiebonden spreken van een ‘angstcultuur’. Ik vind dat te generaliserend, maar er zit een kern van waarheid in. De oud-hoofdcommissaris Jan Wilzing hoorde ik laatst zeggen ‘ik help graag een diender overeind als hij gevallen is, dan weet ik tenminste dat hij heeft gelopen’. Dit lopen wordt deze dagen nadelig beïnvloed door de bureaucratisering van het veranderingsproces, de rechtspositionele onzekerheid en non-decision in enkele dossiers. Het tast het innovatieve en creatieve karakter van de reorganisatie aan.

In de vierde plaats: de ‘bunkermentaliteit’. De noodzaak om intern op vele borden te schaken leidt tot verwaarlozing van het verder op- en uitbouwen van strategische relaties met veiligheidspartners als Veiligheidshuizen, Regionale Informatie- en Expertisecentra, banken, verzekeraars, technologiebedrijven, particuliere beveiliging en wetenschappelijke instellingen. Veiligheidszorg is deze dagen multidisciplinair. Dat zal de komende decennia toenemen. De politie geeft zichzelf niet de tijd om hierin positie te nemen en strategisch te manoeuvreren. En, dat is voor de veiligheidszorg wel van belang.

Hoe ten halve keren?

In de eerste plaats door de korpsleiding te ondersteunen – in analogie met een zakenkabinet – met een kleine hoogwaardige staf van externe adviseurs uit de publieke en private sector. De bestaande staf wordt ontmanteld.

In de tweede plaats: het vrijmaken van budget om professionals te benoemen op strategische posities in het veranderingsproces. Deze worden marktconform betaald. De reorganisatie is een cultuurvraagstuk. Daarom mijn pleidooi om het blauwe groepsdenken te doorbreken. Dit is nog altijd goedkoper dan de ongecoördineerde budget-overschrijdende uitbetaling aan consultants.

In de derde plaats beperkt minister Opstelten zich tot het welslagen van de invoering van de nationale politie en laat hij de dwangmatigheid van criminaliteitstargets los.

In de vierde plaats wordt ‘a coalition of the willing’ gesmeed door de minister, de korpsleiding, de Centrale Ondernemingsraad en de politiebonden om het HRM-beleid topprioriteit te geven. Het grootste kapitaal van de politie zijn de zestigduizend dienders. Deze dienen serieus te worden genomen.

In de vijfde plaats: de instelling van een commissie ‘Strategische Veiligheid Allianties’, onder voorzitterschap van korpschef Bouman, die tot taak krijgt aanbevelingen te doen over de vormgeving van samenwerkingsrelaties tussen de politie en haar veiligheidspartners.

 

18 reacties op “Nationale Politie: Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald

  1. met de analyse is niets mis, maar ik mis in de analyse de effecten van het complexe ‘ governancemodel’ waarvan niemand precies weet hoe het zit en waar de kans om dit met de Politiewet 2012 goed te regelen, helaas geen invulling heeft gekregen. Ja, er ligt werk voor de politie, maar ook de wetgever moet zich nog eens achter de oren krabben. En niet voor het eerst in de geschiedenis.

  2. Bij de fusie van de ABN AMRO nu al weer lang geleden werd ons voorgehouden dat we vooral snel moesten besluiten en niet teveel alternatieven overwegen. Dat heeft toen perfect gewerkt. Als de keuzes zijn gedaan en “het” werkt niet kun je altijd bijstellen. Het inhuren van deskundigen zeker als die de problematiek van alle kanten gaan beschouwen geeft vertraging en helpt in zijn wezen niets omdat ieder veranderproces uniek is. Mijn advies is het bekende Rotterdamse “niet lullen maar poetsen”.

  3. Er is geen weg terug, we (nog steeds) moeten verder. Goede aanzet van Bob. Ga eens kijken bij RABO. Leer van de lessen in nederigheid die hij trekt. En laat je inspireren door zijn zoektocht naar de gulden snede van een toekomstbestendige dienstverlener . Vraag hem waarom hij zich anders heeft ontwikkeld en geordend dan politie Nederland, de grootste werkgever van NL. Jarenlang in de top vijf van populaire werkgevers. Lees het verhaal over de familierechercheurs in de Volkskrant van vandaag en duidelijk wordt waarom. Dit vak vraagt en verdient een lat die hoog ligt. Binnen vijf jaar de beste werkgever van NL?

  4. Na enkele jaren meerdere waarnemingsfuncties te hebben vervuld in een reorganisatie waar veel managers voor zichzelf gaan heb ik het gehad. Waardering 0,0,! Sterker nog: je wordt gewoon in de mangel genomen door managers die voor eigen gewin gaan. Liefst over jou rug. Altijd loyaal aan de maatschappij maar met de politie ben ik klaar.
    Ik ervaar het veranderingsproces juist andersom. Veel theoretische plannen, van theoretisch en angstig ingestelde managers, die niet op de praktijk aansluiten. Niemand durft zijn nek uit te steken om carrierrestagnering te voorkomen.
    Het duurt en duurt maar. Zelf altijd in de frontlinie gestaan zowel op straat als op beleidsniveau. Wat ik nooit had verwacht is toch gebeurd. Ik ben er gelaten onder. Het interesseert me weinig meer. Ik doe wat er gevraagd wordt en laat daar bij. En verhalen zoals ik nu meemaak hoor ik steeds meer.

  5. Een heldere “andere” kijk op het politieberoep en de (re)organisatie.

    Het wordt tijd dat mensen als dr. Hogenboom de aandacht vanuit het korps krijgt, die hij verdient. Er zal wel nog heel wat water door de rivieren stromen, voordat er in de hoofden van de verantwoordelijke politiemensen daadwerkelijk iets gaan veranderen in de vastgeroeste denkpatronen. Binnen de organisatie geldt nog over het algemeen nog steeds het credo: “wij lossen het zelf wel op, daarvoor hebben we geen buitenstaanders nodig”. De bunker zal met grof geweld vernietigd moeten worden, zodat de bewoners ervan een schok ondergaan.

    Reorganisatie en criminaliteitsdoeleinden botsen al, zolang ik mij kan heugen. Zo was het ook bij de reorganisatie van 1994. Twee totaal verschillende subculturen onder dwang bij elkaar zetten, levert problemen op die ten koste gaan van de grondbeginselen waarvoor de politie er is, namelijk een stukje veiligheid bieden aan de samenleving en hulp verlenen. De beroepseer van de individuele diender werd en wordt aangetast door de reorganisatie. De dienders vormen het fundament van en zijn het cement binnen de organisatie.

    Tenslotte nog dit: Er zijn geen 60.000 “dienders”. Bijna de helft van het personeel komt nauwelijks op straat of bevindt zich in de vuurlinie. Ik denk dat het een utopie is te veronderstellen dat de vorming van de N.P. zal leiden tot meer blauw op straat.
    Dat zeg ik als inmiddels gepensioneerde politieman met 43 dienstjaren achter de rug én met de ervaring van de vorige reorganisatie nog vers in het geheugen.

    http://www.deblauwediender.nl

  6. Goed stuk. U gaat alleen voorbij aan het feit dat de huidige politieman al vanaf 1992! allerlei doorstarten, herontwikkelingen, reorganisatie’s en herstructureringen aan het ondergaan is. Daar wordt een mens reorganiseer moe van. Bovendien lijkt het zo, dat leidinggevenden meer geinteresseerd zijn om vast te houden aan de relingen van de caroussel waarop men zich bevindt, dan zich bezig houden met leiding geven. Dat maakt stuurloos. Vroeger ging je boeven vangen, rangen boven die van brigadier zag je (gelukkig) nooit. Die hadden namelijk de ballen verstand van politiewerk. En daarin is niet veel veranderd. Wat er wel veranderd is ? De mentaliteit. Angstgevoel, afschuiven. Geen diender mag en kan zijn nek uitsteken, want dan gaat zijn kop eraf. Dus is de politie ziek. De maatschappij moet t ermee doen. Dat hoort niet en mag niet. Maar de oplossing lijkt me zo simpel. Stop met reorganiseren, geef de politieman/vrouw de waardering waar hij/zij recht op heeft en maak geen gekke vergelijkingen zodat die diender zich nog verder in de hoek geduwd voelt door zijn chefs. Laatst werd de vergelijking getrokken dat we maatschappelijk hetzelfde zijn als buschauffeurs (!) Die vergelijking gaat overigens ongelooflijk mank. Het reanimeren van een baby, kleuter of volwassene gaat niet in je koude kleren zitten, ook geweld tegen jou als mens niet. (Al is het dan op het pak gericht, ik zit er als mens wel mooi in, en mee) Dat is dagelijkse kost voor een diender. Dat maakt je baan enorm boeiend, maar soms ook ontzettend triest. Als je dan je salarisstrook bekijkt, dan wringt er wel eens iets. Ik heb een HBO diploma, word echter minder beloond als de gemiddelde beveiliger. Deze reorganisatie werkt mijns insziens pas over 15 jaar. En dan zijn alle politiemensen onherstelbaar verandert, En de maatschappij krijgt dit cadeau. Over korte termijnpolitiek gesproken.

  7. Overigens kan ik me niet zo vinden in uw raadgevingen, eigenlijk alle vier niet. De korpschef moet zich helemaal niet met het operationele deel, dat kunnen dienders zelf heel goed. Dus als ie zich wil laten adviseren, prima, marktconform? Nee, de mensen op de werkvloer, die worden gestoken, beschoten en ga zo maar door. Die krijgen een fooi. Dus nog bredere leiding? Met alle respect, daar komen we vandaan.
    punt 2, u vergeet wederom de straatdiender, tot en met schaal 9. Die plukken de hete kolen uit het vuur. Die zijn helemaal niet gebaat bij dit carousselgebeuren. Er is vanaf 1992 nog geen rust geweest. Dat is de huidige leiding wel degelijk aan te rekenen. En dus ook op te lossen. Door mensen te waarderen, niet alleen in salaris, maar ook met een carriere. Nu zitten mensen (want helaas voor de heer opstelten) hebben we het wel over mensen, de hele dag bezig te zijn met zaken die niets meer met politiewerk te maken hebben, wel met overleven. Dat noemt u niet.
    punt 3, die criminaliteitstargets, (waarom op zijn engels) waren, zijn en zullen altijd onzin blijven, dat ben ik met u eens. De criminaliteit heeft helemaal geen prioriteit gehad. Nu niet en nooit niet. Sterker nog, er wordt al jaren aan geschiedsvervalsing gedaan door het doen van aangifte onmogelijk te maken, iig zo moeilijk dat de meeste burgers helemaal geen aangifte meer doen. Teveel tijd en moeite. Dus “dalen” de cijfers. én last but not least, zolang er een zak geld aan die “targets”hangt, komt er van echte criminaliteitsbestrijding helemaal niets. Dan gaat het slechts om cijfers, en die zijn zo makkelijk manipuleerbaar. Bovendien heeft onze economie teveel baat bij criminaliteit, over de verdwenen, vernielde, gestolen of anderszins beschadigde goederen zal wederom BTW worden geheven, du moment dat er nieuw wordt gekocht ter vervanging. Vergezocht? Ik denk het niet.
    Bovendien worden chefs ervoor beloond en dienders erop afgerekend, het is fnuikend voor de positie van de man op straat. Die wordt gedegradeerd tot belastinggraaier. Door de politiek notabene.
    Punt 4, chapeau, u prikt de staart precies op de plaats van de ezel waar ie hoort te zitten. Alleen denken de carousselleden hier héél anders over.
    punt 5, prima, maar eveneens onder auspicien van een ondernemingsraad en of delegatie van mensen die wél verstand hebben van politiewerk. Dat is echt nodig, die zien zowel de beren als de kuilen in de weg, Leuk, al die guitige officieren met een blauwgeverfde jas, maar helaas zijn ze géén politiemens. Daar heb je meer voor nodig dan alleen een jas met dat woord erop geschreven. Ik denk dat daar de crux zowiezo te vinden valt.

  8. Van tijd tot tijd moet “de politie”, zoals alle andere overheidsinstanties, gereorganiseerd worden. Bij de meeste reorganisaties van overheidsdiensten loopt het redelijk tot goed. Behalve bij de politie: iedere reorganisatie van de afgelopen decennia heeft tot verslechtering geleid. Dit werd, voorzover ik kan beoordelen, voor een groot deel veroorzaakt door drie aan elkaar gerelateerde mechanismen: 1) bij elke reorganisatie worden de fouten uit het verleden meegenomen in plaats van uitgeschakeld, en de geplande verbeteringen niet geïmplementeerd; hierbij spelen persoonlijke belangen van politiemensen, van laag tot hoog, een rol. 2) Vanuit een zekere arrogantie, gepaard aan “het blauwe groepsdenken” , denkt men bij de politie het beter te weten, en worden de ideeën van goedbedoelende critici per definitie afgeschoten. (Voorbeeld: kritiek van deskundigen op de politiereorganisatie van 1993 werd totaal genegeerd. Die critici hebben de afgelopen periode wel gelijk gekregen, maar het is de vraag of de politie daarvan geleerd heeft; ik vrees dat dit niet het geval is.)
    3) “De politie” verliest steeds meer aan gezag bij de burgers, als gevolg van verschillende ontwikkelingen waardoor de gemiddelde burger “de politie” eerder als een bedreiging dan een “beste vriend” gaat zien.
    Fazit: tenzij de huidige reorganisatieplannen drastisch worden herzien, is die reorganisatie weer gedoemd eerder een verslechtering dan een verbetering te genereren. vrigro, erik.

  9. U zou op intranet de reacties eens moeten lezen op uitspraken van de leiding van de nationake politie. Als je over kritische opmerking spreekt, dan leest u het daar wel. Het is intern natuurlijk. De buitenwereld krijgt er niets van te zien. Er wordt bij het intranet al direct bijgeschreven, het wel netjes te houden. Deze regel wordt door veel politie mensen met het hart op de goede plaats vaak overtreden. De kritiek is regelmatig ongezouten. Of je er iets mee bereikt is zeer de vraag denk ik. Bouman zal denk ik niet lezen wat er gezegd wordt, dat is namelijk

  10. Dat er na het echec met de samenvoeging van Rijks- en Gemeentepolitie in een Regionale Politie beter laat dan nooit in 2012 alsnog een Nationale Politie is gekomen, is een gevalletje van “beter laat dan nooit”. Dat de uitwerking net zo’n flop zou worden als de reorganisatie van 1994, is door vele mensen met hart voor de zaak en met verstand van zaken voorspeld, maar zoals gebruikelijk is daar niet naar geluisterd. Intussen is de burger de dupe, ondanks dat de politiemensen in de uitvoering er 24 uur per dag alle politieke, bestuurlijke en management-gestuntel ten spijt nog van maken wat er van te maken is. Ik heb daar in september 2011 een uitvoerige schriftelijke beschouwing aan gewijd, die ik breed heb verspreid. Wie er (alsnog) belangstelling voor heeft, kan een digitaal exemplaar van mij krijgen.
    L. Stout
    Oud-commissaris van gemeentepolitie in Rotterdam
    l.stout@planet.nl

  11. Over kritisch denken en uiten gesproken:

    In het korpsblad 24/7 van deze maand schrijft de hoofdredacteur in zijn blad iets over onder welke omstandigheden er gewerkt moet worden door de redactie van dit blad en hoe er wordt omgegaan met artikelen, die aangemeld worden voor het blad.

    Hij heeft het over de lange reistijden naar de tijdelijke plaats van tewerkstelling (duurt al drie jaar), de onzekerheid, de mismatch, het capaciteitsgebrek, de gebrekkige huisvesting, de ontbrekende ondersteuning en de druk om meer, meer, meer te leveren…
    Het gaat over de eeuwige strijd om onderwerpen en invalshoeken te krijgen bij het management, over de onvermijdelijke, maar steeds vaker voorkomende meeleesrondes, waarbij sommige artikelen wel door de handen van 10 bazen gaan die er allemaal iets van willen vinden. Soms zelfs tegenovergesteld van elkaar. In hun ogen kiest 24/7 te vaak voor de negatieve invalshoek, is het blad te kritisch. Het gekke is, volgens de hoofdredacteur, dat de eerste voorlopige resultaten van het lezersonderzoek laten zien dat de werkvloer 24/7 nog niet als kritisch genoeg ervaart.

    Mij dunkt dat hiermee heel wat is gezegd over de “cultuur” die binnen de politiewereld overheerst.
    De woorden van de hoofdredacteur zou je net zo goed als censuur kunnen opvatten.

  12. De column roept, met het noemen van een viertal punten, op om te stoppen met de huidige wijze van vorming van de nationale politie. Ik loop de punten na:
    Het zonder toelichting gepresenteerde functionaliteitsverschil tussen uitvoerenden en leidinggevenden binnen de politie diskwalificeert, op voorhand, diegenen die de veranderingsprocessen inhoud moeten geven. De opmerking dat deze mensen zich bemoeien met operationele zaken die tot de verantwoordelijkheid van de politie-eenheden horen ziet intussen niet op de wijze van reorganiseren, maar is een – veel fundamenteler, maar niet onderbouwd – punt van kritiek op de toedeling van de verantwoordelijkheden in de nieuwe organisatie.
    De genoemde “schizofrenie van tegenstrijdige doelstellingen die kluitjesvoetbal tot gevolg heeft” lijkt voor het grootste deel eigen aan politiewerk. Immers bestaat vanaf 1848 binnen de politie de problematiek justitieel versus administratief en is in de laatste zestig jaren de queeste “lokaal – bovenlokaal – nationaal – internationaal” erg dominant geworden. Daar bovenop omvat het politiewerk een zeer breed scala van onderzoek-, toezicht- en controle-activiteiten. Het op nationale schaal organiseren van dat ingewikkelde politiewerk vraagt inderdaad een bijzondere aanpak met exceptionele schaakvaardigheid. Mij dunkt dat deskundige hulp van buitenaf kan helpen om de mate van schizofrenie te bepalen. Het vergroten van de kans op het succesvol aanpakken van alsdan uiteengerafelde doelstellingen lijkt me echter een (ook leidinggevende) politie-specifieke bezigheid.
    De toenemende interne terughoudendheid om meningen te ventileren wordt in de column gerelateerd aan de bureaucratisering van het veranderingsproces; de rechtspositionele onzekerheid en non-decision in enkele dossiers. Deze beschouwing beschrijft een verdieping van bestaande cultuuraspecten in de politieorganisatie. Zij verdient volgens mij, voor zover het betreft de mate van verdieping, nadere uitwerking, voordat zij in verband kan worden gebracht met de noodzaak tot stoppen van het reorganisatieproces.
    De in de column geïntroduceerde ‘bunkermentaliteit’, welke leidt tot verwaarlozing van het verder op- en uitbouwen van strategische relaties met veiligheidspartners en wetenschappelijke instellingen, kan ik volledig onderschrijven. Mijn waarneming is echter dat de nadelige effecten in de diverse samenwerkingsverbanden pas blijken, nu bij de politie het proces van het denken in nationale termen gestalte krijgt. Daardoor is er, mijns inziens, geen rechtstreeks verband met de manier waarop de vorming van de nationale politie gestalte krijgt.
    Mij dunkt dat de conclusie om te stoppen met het op de huidige wijze uitvoeren van het zo veel omvattend reorganisatieproces als de vorming van de nationale politie door de in de column gevatte opmerkingen niet voldoende wordt gedragen.

  13. Interessante column Bob. Opmerkelijk dat deze discussie al op enkele plaatsen wordt gevoerd. Bijvoorbeeld op linkedin.com in de groep “Nationale Politie > 2.575 leden, jij ook al?” naar aanleiding van een item bij de NOS (http://nos.nl/artikel/2004152-gemeentepolitie-terug-in-capelle.html). Je ziet dat in heel veel gemeenten nieuwe handhavingsteams worden opgericht die steeds meer het werk van de politie overnemen; werk dat van oorsprong tot de klassieke politietaak behoorden (handhaving, toezicht het bewaren van ‘vrede’ op straat). Heel duidelijk is dat de wetgever nooit terug kijkt, niet luistert naar historici en organisatiesociologen. Alleen al het lezen van verhandelingen als “Van nachtwakerstaat tot computermacht” van Groeneweg en Hallema, “Waakzaam in Amsterdam” van Piet de Rooy of Amerikaanse literatuur als “Power Failure” van Brecher, Horton, Cropf en Mead over (o.a. criminaliteits)beleid van de stad(staat) New York vanaf 1960.
    Steeds komt naar voren dat vanuit een machtsdenken het lokale en het landelijke bestuur ‘vechten’ om de macht over de politie. Tot nu toe is het ongeveer 4-1 voor de gemeenten. De 1 is de huidige status, maar met het inrichten van steeds meer handhavingsteams vermoed ik dat het over 10 jaar wel weer 5-1 voor de gemeenten is. Puur en alleen omdat de burgers de politie in de buurt wenst te hebben en niet op afstand zoals nu dreigt.

    … en er wordt gesteld dat door de Nationale Politie criminaliteit daalt! Tja, als het doen van aangifte lastig maakt (op afspraak ed, administratief medewerkers inzet zonder enige kennis) dan daalt criminaliteit inderdaad. Ik zou wel eens willen lezen én na kunnen rekenen of er een significante relatie is tussen de inzet van de politie en de daling van criminaliteit. Ik ben bang dat er genoeg aanwijzingen zijn dat het ‘bewijs’ niet geleverd kan worden (het oplossingspercentage is ook dalende en daar hoort een soort indifferentie verhouding te bestaan: als het criminaliteit daalt én de gestegen of gelijkblijvende activiteiten van de politie is hiervan de factor, dan moet het oplossingspercentage ook stijgen én niet dalen! Dus trendlijnen in een zelfde richting én NIET kruisend (zoals nu).

  14. Ik vind het wel een leuk stuk. Punt 1 is volkomen juist. Een reorganisatie van de politie door de politie is zoiets als de lamme die de blinde helpt. De slager die zijn eigen vlees keurt. God, wie kan ons redden? Wat de cultuurverandering betreft, het middenkader is de cultuurdrager bij uitstek, investeer in hen en beloon zelfbewust en ondernemend gedrag. Promoveer medewerkers die in zichzelf investeren door hbo- of academische opleidingen te volgen. Stop onmiddellijk met het bevorderen van laag opgeleide politiemensen in de hogere regionen. Dat is pas echt dom! Laag opgeleide chefs zijn bij uitstek de grote remmers op cultuurverandering. Het stikt in deze organisatie nog van de chefs die ‘papiertjes’ minachten. Dat is te bizar voor woorden. De angstcultuur herken ik wel. Waag het om nee te zeggen tegen een chef en je wordt onthoofd. De chef heeft altijd gelijk… bij de politie. De politiecultuur is vooral een arbeiderscultuur. Een voetbalcultuur waarin het groepsbelang boven dat van het individu gaat. Leidinggevenden cultiveren en misbruiken dat in hun eigen belang. Het groepsbelang wordt sterk overdreven. In de meeste gevallen is het gedrag van de zelfbewuste individuele medewerker bepalend voor succes, niet het optreden van de groep. Ja, ook op straat, durf ik met 15 jaar straatervaring te zeggen. Het commentaar over samenwerken met externe partners herken ik niet zo. In Den Haag wordt daar goed aan gewerkt. Het is nog lang niet wat het moet zijn, maar verbetering kan niet uitblijven want het levert te soms mooie resultaten op. Dat samenwerken met externe partners gaat een stuk sneller goed komen dan de interne cultuurverandering. Dat zal moeten wachten op de pensionering van de oude garde. Helaas hoor ik daar zelf ook al bij. Haha!

  15. Een rake analyse. Ik ga niet `ja maaren e.d.`, laten we deze analyse nou eens serieus bij de kop pakken in meta-positie, wie het ook betreft! Daar kan alleen maar iets goeds uit komen!

  16. jammer dat er niks te melden is over het werk van vap-at

    Hoop op een beetje aandacht voor deze vrijwiligers ,
    Ze zijn volwaardige mee draaiende groep in de bureaus en op straat als toezicht houders op markten en op straat ,hulp bij alcohol controle ,diverse achter wacht diensten .

Laat een reactie achter op Wessel Veenstra Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *